Bovenlichten en snijramen in Nederland

De herkomst van symbolen

Home
Over mijzelf
Bovenlicht van de maand
Wat zijn bovenlichten?
Wat is nieuw?
Bovenlichten in de diverse stijlperioden
Naar bijzondere items
Oorsprong van de Symbolen
Geschiedenis glas, gevels en bouwkunst
Oude prenten, gravures en foto's
Middeleeuwse metseltekens
Tympanen
Schamels
Romeinse jaartallen
Oorsprong Byzantijnse kandelaars
Vertikale slijpgleuven
Renovatie en restauratie
Buitenlandse voorbeelden van bovenlichten
Web links
Gastenboek en contact
Zoeken op deze site
Wat is triest

 

Symboliek aan de voordeur

 

Onderbelicht

 

Bovenlichten zijn eigenlijk altijd onderbelicht gebleven in de beschrijvingen van gevels door de bouwkundigen. De meeste aandacht ging steeds uit naar de vorm en ornamenten van de topgevel om die in een bepaald tijdperk te plaatsen.  

 

Nog een andere wereld

 

In middeleeuwse tijden geloofden de mensen dat er naast de waarneembare wereld ook nog een onwaarneembare wereld dwars door de waarneembare heen bewoog. Die andere wereld werd bewoond door geesten, spoken, demonen, feeŽn, kabouters en griezelwezens. Sommigen waren bedreigend, anderen redelijk goedgezind. Dat er aan de top van dat andere rijk ook nog goden zouden zijn die je gunstig kon proberen te stemmen om ongeluk te ontlopen, was er door de komst van het christendom geleidelijk uitgebannen. Het christendom ontkende het bestaan van deze geesten trouwens niet, de mensen moesten geloven dat de christelijke God machtiger was.

 

Verjagen

 

Toch nam dat niet weg dat er in het volksgeloof nog steeds een heilig ontzag bleef bestaan voor al die geheimzinnige machten en krachten die je meteen bij je om de deur had. Voortdurend lagen ze op de loer om je een loer te draaien. Vanaf de 11e eeuw is het vertrouwen op goede huisgeesten meer en meer verdwenen, terwijl het geloof aan de bedreigende geesten nog lang bleef bestaan. Men bleef teruggrijpen op de oude technieken om met een geestenwereld te communiceren: vuren ontsteken, veel lawaai maken en symbolen aanbrengen die geesten op afstand zou houden.

 

Communicatie via symbolen

 

Men verkeerde in de stellige overtuiging dat je met vuur, geluid, rituelen en symbolen die vervaarlijke demonen kunt afschrikken en op afstand kunt houden. De eigen taal zouden ze wel niet verstaan, maar symbolen hadden een grotere zeggingskracht. Denk b.v. eens aan de katholieke priester die, als exorcist,  probeert een geest te verdrijven door een kruis voor zijn borst, voor zich in de lucht te houden. Dit beeld, dat we kennen uit de horrorfilms, illustreert nog iets van de beleving die toen algemeen was. Het was van oudtijds al gebruikelijk om symbolen in hout te kerven of in steen te beitelen, die een communicatie waren met die onzichtbare wereld. Er waren bijzondere tekens die onheil moesten afweren en andere die juist iets gunstigs moesten afsmeken. Wie dergelijke tekens aan zijn huis aanbracht, kon daarmee gelijk aan huisgenoten en  bezoekers van zijn huis tonen, dat hij er alles aan had gedaan om alle kwaad uit zijn huis te weren.

 

Een christelijke betekenis

De middeleeuwse mens hield, naast de symbolen, trouwens ook vast aan veel van de oude Germaanse rituelen die in een verchristelijkt jasje voortgang konden vinden. Denk aan kerst, sinterklaas, carnaval, palmpasen en pinksterfestiviteiten. Ook symbolen kregen dikwijls een meer christelijke betekenis. Hier zullen we ons beperken tot de symboliek, zoals we die aan de gevels aantreffen: hoe die is blijven voortleven in de ambachten en de volkskunst en dan via de bovenlichten en topgevelornamenten toch weer benut wordt ter decoratie, wat tot voorbij het midden van de 19e eeuw heeft voortgeduurd.

 

Meer decoratie dan geloof

Dat wil niet zeggen dat de mensen in de 18e en 19e eeuw zich nog zo bewust waren van die communicatie met een geestenwereld. De stadsbevolking zal, eerder dan op het platteland, zich onafhankelijker zijn gaan voelen van al die onzichtbare machten en krachten. Maar ook al geloof je er als welgesteld VOC-baas zelf niet meer zo in, dan had je nog altijd te maken met je personeel van eenvoudige komaf of bezoekers van allerlei rang en stand en dan dacht je ook bij jezelf: baat het niet, het schaadt ook niet. Maar dan wel in een modieus jasje alsjeblieft.

 

Van verschillende herkomst

En zo kwam via de bovenlichten, in de 18e en 19e eeuw, weer de oude symbolentaal tevoorschijn; aangevuld met wat er, door de bijzondere belangstelling voor de Griekse en Romeinse cultuur, vanaf de Renaissance in de 16e eeuw  aan symboliek van daaruit en vanuit het christendom was overgenomen: acanthusbladeren, schelpmotieven, wijnranken, bloemen- en fruitslingers ( = festoenen). Deze ornamenten brachten jeu en fleur aan de gevels van de huizen van de meer welgestelden. Deze puur voor de (modieuze) decoratie gekozen ornamenten werden vermengd met de oude symbolen, die nog bekend waren vanuit de eigen volkskunst op gebied van het meubels, plavuizen en textiel.